Home

Voedselveiligheid

Voedselveiligheid

Koken

Wat is een voedselvergiftiging? 

Voedselvergiftiging ontstaat door het eten van voedsel dat werd besmet met ziektekiemen of gifstoffen. Er zijn twee mogelijke bronnen van besmetting: 

Afscheidingsproducten van bacteriën 

Het voedsel is besmet door een bacterie die zich kan vermenigvuldigen in een vochtige omgeving en bij bepaalde temperaturen. Daarbij produceert deze bacterie gifstoffen. Dit is bijvoorbeeld het geval met Stafylococcus. Je kan het vergif niet vernietigen door verhitting. In het algemeen bestaan de klachten uit misselijkheid, plotselinge buikkrampen, overgeven en diarree.

Bacteriën 

Bacteriën hebben zich in het voedsel vermeerderd en vormen zelf de oorzaak van de infectie. Beruchte voorbeelden zijn Salmonella en Listeria. Vooral op rauw vlees en gevogelte zitten vaak bacteriën die voedselvergiftiging kunnen veroorzaken. Voedselvergiftiging is niet alleen onaangenaam, maar vaak ook gevaarlijk.

In geval van voedselvergiftiging kan het nuttig zijn dat je de dokter een lijst kan bezorgen met de gebruikte ingrediënten of dat je hem de verpakkingen van de voedingsmiddelen toont.  

Hoe voorkomen?

Een plek om te koken

De netheid en hygiëne van de plek waar wordt gekookt is van cruciaal belang voor de voedselveiligheid.

Eerst en vooral is het belangrijk om te weten wie verantwoordelijk is voor de voedselveiligheid tijdens jullie aanbod: 

  • Jeugdverblijfcentra die maaltijden aanbieden aan hun gasten, zijn verplicht om autocontrole uit te voeren op het voedsel en de bereiding ervan. Alle info vind je terug op de website van Centrum Jeugdtoerisme. Deze jeugdverblijfcentra moeten een toelating aanvragen bij het Voedselagentschap (FAVV) en de toelating zichtbaar ophangen voor de klanten. 
  • Voor verblijven of terreinen waar de groep zelf kan koken, ligt de verantwoordelijkheid op het vlak van voedselveiligheid bij de groep die kookt. Een groep die zelf kookt wordt niet gevraagd om de HACCP-richtlijnen te volgen (zoals die voor volpensionhuizen wel gelden), wel moet een minimum aan hygiëne in acht genomen worden. 
  • Kiest een verblijf ervoor om beide mogelijkheden aan te bieden dan is het opnieuw zo dat degene die het eten kookt (of aanbiedt) verantwoordelijk is voor de voedselveiligheid.  

Voedsel verhitten

Je kan het risico op voedselvergiftiging sterk verminderen door het eten voldoende te verhitten. Niet alleen het voedsel zelf (en in bijzonder vlees), maar ook schotels, water, de handen van de kok, enz. kunnen besmetting veroorzaken.
Ook rauwe groenten kunnen besmet zijn. Een droge omgeving, zout, zuur en zoet zijn hinderpalen voor vermeerdering van bacteriën. Wanneer je het voedsel in de koelkast bewaart, rem je de ontwikkeling van bacteriën af, maar sterven doen ze niet. Ook bij het invriezen blijven ze sluimeren in het voedsel. Alleen bij verhitting tot minstens 60° Celsius gaan de bacteriën dood. Dat kan door koken, bakken en braden.  

Hou rekening met (voedsel)veiligheid bij het boeken van een locatie

Als je een locatie bezoekt, kan je kijken in hoeverre de locatie voorzien is op jullie noden qua voeding. Zaken waar je kan op letten bij een gebouw:

  • De netheid van de keuken, de werkbladen en vuren. 
  • De aanwezigheid van materiaal om mee te koken en de netheid van deze.
  • De aanwezigheid van een koelkast en/of diepvriezer voor het bewaren van producten.
  • De ruimte waar voeding kan opgeslagen en gestockeerd worden: de netheid, de indeling, de temperatuur, de mogelijkheid om zaken af te schermen… 
  • Beschik je over drinkbaar water. Gebruik altijd drinkbaar water voeding te bereiden, denk dus na over hoe je daarop te voorzien indien het niet aanwezig is. 
  • Voor aanbod waarbij je niet beschikt over een koelkast is het belangrijk na te denken hoe je voeding gaat bewaren bv door te kiezen voor minder bederfbar producten die je kan bewaren op kamertemperatuur. Kan je bv een koele ruimte afspraken met de eigenaar van de tentengrond? Wat zijn jullie alternatieven bij heel warm weer?  

Een koel(e)ruimte is een must om vlees, kaas, verse melk, bereid voedsel en boter te bewaren. Je hebt niet altijd een echte koelkast nodig. Een koele ruimte, zoals een kelder of een koelkoffer kunnen heel wat producten vers houden.
Hou er rekening mee dat 7°C het absolute maximum is. Sommige producten zoals vleesbereidingen, gehakt en verse vis moet je in een nog lagere temperatuur bewaren, maximum 4°C.

Een echte koelkast is dus aangewezen voor verse melk, vlees en vis.
  • Vlees en vis: bovenaan in de koelkast, want dat is de koelste plaats. 
  • Zuivelproducten: in het midden in de koelkast. 
  • Groenten en fruit: onderaan in de koelkast.
Ga na of de koelkasten groot genoeg zijn voor je behoefte en of ze voorzien zijn van een thermometer!

Heb je geen koelruimte? Vermijd dan om producten die snel bederven mee te brengen naar de verblijfplaats. Hou het bij droge voeding en conserven.
Toch vlees, vis of zuivel op het menu? Koop deze producten best ter plaatse en zo kort mogelijk voor de bereiding.

Een diepvriezer heeft enkele voordelen:
  • Je kan je producten kopen op het ogenblik dat ze goedkoop zijn.
  • Je kan je gerechten vooraf klaarmaken.
  • Je kan voedselresten veilig opbergen.
 Er zijn ook nadelen
  •  Een diepvriezer belast het milieu.
  • Een diepvriezer is vaak niet aanwezig op de verblijfplaats en is moeilijk te transporteren. 
  • Het (zelf) invriezen van grote hoeveelheden voedsel gaat traag en houdt bacteriële risico’s in. 

 Overweeg dus zeker om elke dag vers voedsel aan te kopen.  

Drinkbaar water

Drinkwater, water dat gebruikt kan worden voor de bereiding van voedsel of om te drinken, komt in ons land vooral voor in de vorm van leidingwater. Dat water moet aan vrij strenge normen voldoen.

In een kampgebouw is het water doorgaans afkomstig van het waterleidingnet.
Is dit niet het geval (vaak voorkomend bij tentenkampen)? Vraag dan of de eigenaar een recent attest met goedkeuring van het water kan voorleggen. Wie geen toegang heeft tot het leidingwater in Vlaanderen en grondwater wil gebruiken als drinkwater, kan een  gratis wateranalyse aanvragen bij de Vlaamse Mileumaatschappij. 

Ook voor Wallonië is er controle op het drinkwater. Ben je op kamp in Wallonië? Dan kan je de eigenaar van het terrein of gebouw vragen om aan te tonen wie het drinkwater aanlevert en of dit goedgekeurd is qua kwaliteit. Heb je bepaalde twijfels? Dan kan je aankloppen bij L’environnement en Wallonie voor meer informatie.  

Wees voorzichtig met het gebruik van niet-drinkbaar water. Regenwater, opgevangen in zuivere vaten, kan je gebruiken voor douches en baden. Regenwater verzameld via dakgoten, bevat het afgespoelde vuil van het dak en is bijgevolg ongeschikt om te koken en om je te wassen. Je kan het wel gebruiken om te poetsen, maar niet om de afwas te doen!
Bij aftappunten van water dat niet drinkbaar is, breng je best een goed zichtbare en duidelijke waarschuwing aan dat dit water niet bedoeld is om te drinken. Breng je leden op de hoogte van waar ze wel drinkbaar water kunnen krijgen. Wees voorzichtig met water dat uit grote citernes komt. 

In de brochure ‘Bederf je zomerkamp niet!’ van het Federaal Voedselagentschap kan je meer info vinden over veilig koken en drinkbaar water.