Plaatsen waar weekends en kampen plaatsvinden zorgen wel eens voor lawaai in de omgeving. Om niet tot 'last' te zijn voor de omgeving vind je hier extra informatie en een paar richtlijnen.
Spelende kinderen maken lawaai. Daar is op zich niets mis mee. Kinderen moeten namelijk de kans krijgen om zich in hun vrije tijd te kunnen uitleven. In de brochure 'Goe gespeeld', die je hieronder kan downloaden, kan je hier te weten komen.
Verblijfplaatsen brengen voor de omliggende omgeving extra geluid mee. Zeker wanneer je verblijfplaats in een woonomgeving gelegen is, kan dit soms voor problemen zorgen. Daarom geven hier wat extra informatie, waar je als jeugdvereniging op kan letten.
Geluid wordt gemeten in decibels. Om je een idee te geven van de hoeveelheid geluid die geproduceerd wordt, geven we hieronder een beknopt overzicht.
| Wat maakt hoeveel geluid? |
|
30 dB = zacht gefluister 40 dB = vogels bij zonsopgang 60 dB = een normale conversatie 80 dB = een deurbel, een rinkelende telefoon, een klassieke gitaar 90 dB = een gillend kind, een kleine luchtcompressor 110 dB = een rockconcert, schreeuwen in iemands oor 120 dB = een kettingzaag, een sirene van een ambulance, supporters in een voetbalstadion 130 dB = een donderslag, een zeer krachtige boormachine 150 dB = een voetzoeker (soort vuurwerk), het knallen van een ballon |
De sterkte van het geluid ligt gemiddeld tussen 20 en 140 decibels. Je ongeveer een uur lang in een omgeving bevinden waar 90 decibels worden geproduceerd kan voor gehoorschade zorgen. De pijngrens ligt op 140 decibels.
Wie lawaai maakt, is verantwoordelijk voor de geluidsoverlast. Meestal zijn het groepen die verantwoordelijk worden gesteld. Dit wil zeggen dat bij een klacht de groep door de politie zal worden aangesproken. De groep krijgt in dit geval meestal een verwittiging, maar ook een proces verbaal en een boete kunnen volgen.
Houd er ook rekening mee dat bij terugkerende geluidsoverlast de kampplaats zelf ook wordt geviseerd.
Alle lawaai tussen zonsondergang en zonsopgang dat de rust van de omwonenden kan verstoren, is strafbaar. Dit zegt artikel 561 van het Strafwetboek.
Gemeenten mogen zelf maatregelen nemen om lawaaihinder 's nachts of overdag te voorkomen. Ze kunnen via hun politiereglement de verstoring van de nachtrust beboeten.
Het Koninklijk Besluit van 24 februari 1977 treedt op tegen geluidshinder die wordt veroorzaak door elektronisch versterkte muziek. De geluidshinder kan zowel overdag als 's nachts plaatsvinden en kan gekoppeld zijn aan openluchtactiviteiten als een tuinfeest of een kampvuuravond.
Of de bijhorende hinder effectief overlast wordt hangt onder meer af van het volume, de frequentie, de toonhoogte en de duur van de muziek.
Bij elektronische muziek kunnen de lage tonen erg ver dragen. Enkele tips om overlast te beperken:
CJT heeft in haar tijdschrift 'Huiswerk' een dossier besteed aan geluidsoverlast. Uitbaters kunnen hier preventieve maatregelen in terugvinden om overlast te vermijden. Hieronder kan je het dossier downloaden.
De Ambrassade vzw I Arenbergstraat 1D I
1000 Brussel I T 02 551 13 50 I
info@ambrassade.be I
www.ambrassade.be